Passend onderwijs voor kinderen met ADHD, hoe ziet dat er eigenlijk uit?

Vanaf 4 jaar gaan kinderen naar school. Maar als je kind autisme, ADHD of een (psychische) ziekte heeft, hoe gaat het dan? Welke soorten onderwijs zijn er eigenlijk en hoe kom je daar terecht? Voor veel ouders zijn de verschillen tussen speciaal basis onderwijs (SBO) en speciaal onderwijs (SO) niet duidelijk. Wat betekent passend onderwijs en waar kan je dan uit kiezen?

Speciaal onderwijs voor kinderen met ADHD

Wanneer moet een kind naar school?

Vanaf 5 jaar zijn kinderen verplicht om naar school te gaan. Deze leerplicht geldt totdat je kind 16 jaar is geworden. Heeft je kind dan nog geen diploma, dan geldt een kwalificatieplicht. Vanaf 18 jaar is er geen leerplicht en geen kwalificatieplicht. Kwalificatieplicht betekent dat je sowieso een diploma moet halen, een startkwalificatie. Een startkwalificatie is (minimaal) een diploma havo, vwo of mbo (niveau 2 of hoger).

Het kan voorkomen dat je kind door psychische of lichamelijke klachten niet in staat is om onderwijs te volgen. In dat geval kun je vrijstelling aanvragen. Je hebt daarvoor een verklaring van een arts, psycholoog of pedagoog nodig. Deze mag niet ook de behandelaar van het kind zijn.

De laatste tijd lees je steeds vaker over thuiszitters. Het is bij deze kinderen dus, ondanks het passend onderwijs, of door het niet juist uitvoeren van het passend onderwijs, niet gelukt een passende plek te vinden binnen het onderwijs.

Maar wat is nou dat passend onderwijs?

De bedoeling van passend onderwijs is dat elke leerling een plek kan krijgen op een school die past bij hun mogelijkheden en daarmee het beste uit zichzelf haalt. Er wordt hierbij uitgegaan van de mogelijkheden van een leerling en niet van de beperkingen. Daarom zal eerst geprobeerd worden passende ondersteuning te bieden op een normale school.

In principe gaan kinderen naar het regulier onderwijs, een normale basisschool. Op deze basisschool bestaat, naast het onderwijs, basisondersteuning voor bijvoorbeeld dyslexie.

Vroeger had je daarnaast het zogenaamde “rugzakje”. Kinderen die extra ondersteuning nodig hadden die niet binnen de basisondersteuning van de school viel, die konden een indicatie krijgen. Met die indicatie ontving de school extra geld voor extra ondersteuning. Met het invoeren van het samenverwerkingsverband vervalt het rugzakje en de indicatie.

In het samenwerkingsverband werken alle gewone scholen en scholen uit het speciaal onderwijs samen. De scholen maken afspraken over de verdeling voor het budget voor extra begeleiding. Deze afspraken worden vastgelegd in het ondersteuningsplan.

Door de samenwerking tussen gewone scholen en speciaal onderwijs is het mogelijk om een kind wat niet voldoende ondersteuning kan krijgen vanuit de basisvoorziening en de extra ondersteuning binnen het reguliere onderwijs toch een passende plek te bieden op een vorm van speciaal onderwijs.
Welke vormen van speciaal onderwijs er zijn daar kom ik later in dit artikel op terug.

Wat doen scholen allemaal om te zorgen dat er een passende plek voor elke leerling is?

We hebben het al even gehad over de “standaard” begeleiding die een reguliere basisschool kan bieden. Sommige scholen bieden extra begeleiding aan leerlingen, ze hebben bijvoorbeeld een speciale klas voor kinderen met een hoge begaafdheid of klassen voor kinderen met gedragsproblemen. Scholen werken hiervoor samen met instellingen voor jeugdzorg en jeugdhulp. In het schoolondersteuningsprofiel van de school staat beschreven welke extra begeleiding een school kan geven.

Scholen hebben een zorgplicht.

Scholen moeten ervoor zorgen dat een kind dat extra begeleiding en ondersteuning nodig heeft altijd een plek krijgt op een school naar keuze die de benodigde hulp kan bieden. Dit gaat in overleg met de ouders. Met de zorgplicht wil de overheid voorkomen dat kinderen thuis komen te zitten.

Mocht er geen passende plek gevonden worden binnen het reguliere onderwijs, dan kan de school met de ouders samen beslissen om het kind in te schrijven op het speciaal onderwijs. Ook hier heeft de school de verplichting om te zorgen voor een passende plek en is dus verantwoordelijk. Als ouder kies je de school waar je je kind wilt laten inschrijven, de school stelt samen met de ouder een toelaatbaarheidsverklaring (TLV) op. De school is verantwoordelijk voor het indienen van de TLV.

Een school mag overigens een kind niet uitschrijven zonder dat er een passende nieuwe school is gevonden. Een kind kan dus ook niet zomaar van school gestuurd worden.

Het invoeren van het samenwerkingsverband en passend onderwijs voor elk kind is een mooie theorie, evenals de verschillende vormen van onderwijs binnen het aanbod in Nederland. In de praktijk zal veel aan de juf of meester voor de klas liggen en zullen ouders moeten meewerken met het zoeken van een juiste plek.

Vanaf 4 jaar gaan kinderen naar school. Maar als je kind autisme, ADHD of een (psychische) ziekte heeft, hoe gaat het dan? Welke soorten onderwijs zijn er eigenlijk?

Speciaal basisonderwijs (SBO)

Het grootste verschil tussen regulier onderwijs en speciaal basisonderwijs (SBO) is dat er gewerkt wordt in kleinere groepen. De leerdoelen zijn hetzelfde als in het reguliere onderwijs, alleen de tijd die de leerling hiervoor krijgt is langer. Leerlingen kunnen tot hun 14e jaar op een school voor speciaal basisonderwijs terecht.

In de documentatie op internet wordt beschreven dat deze scholen bedoeld zijn voor zowel kinderen met leerproblemen als gedragsproblemen.

SBO is eigenlijk wat vroeger de LOM-school was. Een hoogbegaafd autistisch kind zal hier waarschijnlijk niet zo op zijn plek zijn. Na het speciaal basisonderwijs gaan de meeste leerlingen naar het vmbo, het praktijkonderwijs of het voortgezet speciaal onderwijs.

Speciaal onderwijs (SO)

Het speciaal onderwijs bestaat uit 4 clusters:

  • Cluster 1: blinde, slechtziende kinderen;
  • Cluster 2: dove, slechthorende kinderen;
  • Cluster 3: motorisch gehandicapte, verstandelijk gehandicapte en langdurig zieke kinderen;
  • Cluster 4: kinderen met stoornissen en gedragsproblemen.

Cluster 3 en 4 vormen met gewone scholen samenwerkingsverbanden.

Een groot verschil tussen SBO en SO (cluster 4) is dat hier voornamelijk de leerlingen zonder leerproblemen, maar met voornamelijk gedragsproblemen te vinden zijn. De doelen zijn niet gelijk aan die van het reguliere basisonderwijs, maar worden per leerling vastgesteld in een ontwikkelingsplan. Hierin staat wat de leerling aan het eind van de opleiding moet weten en kunnen. Hier kunnen ook gedragsaspecten in worden opgenomen.

In het ontwikkelingsperspectief wordt ook beschreven hoe wordt toegewerkt naar een passend einddoel voor het kind. Dat kan een diploma zijn (na het volgen van voortgezet onderwijs), een baan vinden of een plek vinden in de dagbesteding.

Leerlingen in het speciaal onderwijs gaan meestal na hun 12e naar het voortgezet speciaal onderwijs. Hier kunnen ze blijven tot hun 20e verjaardag. Bij de overgang naar het voortgezet onderwijs kan opnieuw gekeken worden of de leerling misschien naar een gewone middelbare school kan.

Voortgezet speciaal onderwijs (VSO)

Leerlingen kunnen vanuit het reguliere onderwijs, vanuit SO en vanuit SBO doorstromen naar voortgezet speciaal onderwijs. Ook hier wordt weer een ontwikkelingsplan per leerling gemaakt waarin het ontwikkelperspectief beschreven wordt.

Het voortgezet speciaal onderwijs kent 3 uitstroomprofielen die door de overheid zijn vastgesteld:

  • Theoretische leerweg (TL): hier halen de leerlingen een “normaal” diploma op het niveau wat beschikbaar is op de school. Dit kan VMBO, Havo of VWO zijn. Daarna kan een leerling doorstromen naar een vervolgopleiding.
  • Arbeidstoeleiding (AT): hier zal de leerling zo snel mogelijk het onderwijs combineren met het lopen van stages. Het doel is na het onderwijs direct een passende baan te vinden.
  • Dagbesteding (DB): de meest ongelukkig gekozen term binnen het onderwijs. Binnen de dagbesteding vind je alle leerlingen die niet binnen de structuur van een van de overige uitstroomprofielen gedijen. Bijvoorbeeld leerlingen die er niet bij gebaat zijn elk uur een andere leraar voor de klas te hebben, die een disharmonische intelligentie hebben of niet alle vakken tegelijk kunnen volgen. De leerlingen volgen hun eigen leerweg in hun eigen tempo en halen hierbij vaak certificaten. Na het eerste jaar DB kan een leerling overstappen naar TL of AT, of binnen DB een richting volgen (zie schema).

Speciaal onderwijs is dus absoluut niet het putje waar de leerlingen in verdwijnen die weinig kunnen. Op speciaal onderwijs en ook binnen het uitstroomprofiel DB is het nog steeds mogelijk een mooi diploma te halen of een goede plek op de arbeidsmarkt of in de dagbesteding te vinden.

Leerwegondersteunend onderwijs op het VMBO (LWOO)

Het lwoo is er voor vmbo-leerlingen die extra hulp nodig hebben bij het behalen van hun diploma. Een deel van de scholen voor voorbereidend beroepsonderwijs (vmbo) geven deze vorm van onderwijs.

Vmbo-scholen bepalen zelf of en hoe zij lwoo aanbieden. Bijvoorbeeld door:

  • kleinere klassen
  • bijlessen
  • huiswerkbegeleiding
  • trainingen om een leerling beter te laten studeren.

Heeft jouw kind een advies voor lwoo gekregen van de basisschool? Dan kun je je kind voor lwoo aanmelden bij een vmbo-school.

Na aanmelding bekijkt de school of je kind op zijn plek is in het lwoo. De school doet bijvoorbeeld een intelligentieonderzoek en kijkt naar het gedrag van het kind. De vmbo-school bekijkt ook het schooladvies van de basisschool. Vindt de school dat het kind op zijn plek is in het vmbo? Dan vraagt de school een aanwijzing voor het lwoo aan bij het samenwerkingsverband. In een samenwerkingsverband werken gewone scholen en scholen uit het speciaal onderwijs samen.

Dit stuk gaat over opleiding, maar eigenlijk.. Ik vind het behaalde diploma ondergeschikt aan of je kind gelukkig is, blijft en wordt. Zoek een opleiding die bij je kind past, waar hij of zij zich goed bij voelt en zich kan ontwikkelen tot een gelukkige volwassene.

6 antwoorden op “Passend onderwijs voor kinderen met ADHD, hoe ziet dat er eigenlijk uit?”

  1. Er staat weinig in over wat ik als ouder mag verwachten in regulier VO onderwijs. Zou daar graag wat over horen. Welke hulp mag ik verwachten voor mijn kindmet ADD en ASS in Regulier VO, hij zit in HAVO 3 ?
    Huiswerkbegeleiding extern in eerste 2 jaar zelf geregeld (maar is erg duur)

  2. Hai Monique. De begeleiding vanuit regulier VO is niet heel duidelijk vastgelegd. Zodra een kind bij een school ingeschreven staat heeft de school een zorgplicht. Dit geldt ook voor regulier. Zodra een kind ergens vastloopt op school, of op school bepaalde uitdagingen ondervindt, dan zal de school mee moeten denken aan een oplossing. In eerste instantie denkt school daarbij vooral aan extra tijd tijdens toetsen en ruimte maken voor eventuele therapie naast school. De zorgplicht gaat echter verder. Als het voor een kind lastig wordt om school op de normale manier te volgen, dan kan school een overleg plannen met het samenwerkingsverband (ook op het regulier VO) waarbij ouders, afdelingsleider, leerplichtambtenaar en sociaal team aanwezig zijn. Hier moet gekeken worden wat school zelf kan doen aan ondersteuning, wat er van de ouder verwacht kan worden en wat de gemeente nog kan toevoegen (zoals extra begeleiding buiten school regelen).
    Idealiter wordt er al een MDO georganiseerd bij de overgang van het basisonderwijs naar het voorgezet onderwijs.
    De school heeft vaak iemand die op wijkniveau de zorgcoordinatie op zich neemt. voor verschillende scholen Je zou bij de school en bij de gemeente (sociaal team) kunnen informeren wie dat bij jullie is of de school vragen om een overleg te starten.
    Succes!

  3. Naar cluster 2 scholen gaan ook kinderen met een TOS (taalontwikkelingstoornis). Autisme en TOS komen regelmatig samen voor.

  4. Een heel mooi en duidelijk artikel, helaas kwam het er in de praktijk op neer dat school de benodigde hulp voor mijn dochter probeerde in te zetten maar dat dit niet haalbaar is met 1 leerkracht op 34 kinderen. Nu een groep terug en in een klas met 40 leerlingen. Bij school moeten aandringen om te gaan kijken naar een sbo school. Werkte school niet echt aan mee, terwijl ze een half jaar traject bij het ggz heeft gehad en school haar duidelijk niet kon geven wat ze nodig had. Nu eindelijk bezig voor een TLV en hopelijk een plekje op een sbo school

  5. Zoon van 10 adhd autisme en angststoornis hulp is er nog steeds niet na een jaar geen school nu vind ik school ook niet de belangrijkste ik wil hulp voor mijn kind. Hulp schijnt lastig te zijn omdat hij meerdere diagnoses heeft iemand hier ervaring mee?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.